De zaak Boëtius en Vilhena

Het was de drieënzestigste minuut en Jean-Paul Boëtius draafde naar de reservebank. Wissel. Uit het stadion steeg een combinatie van beleefd applaus en wat fluitende tonen op. “Optyften!”, riep iemand vlakbij me, op Vak X. Waarom gaat het toch vaak zo mis met onze grootste talenten?

Scenario: Jean-Paul Boëtius wordt komende zomer verkocht voor PSV, voor een miljoen of drie a vier, en breekt de komende jaren definitief door in de Nederlandse top. Hij wordt international, speelt op het EK 2016, kapt in een Champions League-duel Bayern-verdediger Jerome Boateng finaal het bos in en wordt uiteindelijk voor ergens rond de twintig miljoen euro verkocht aan een Europese topclub.

Een heel vreemd scenario is het niet. Aankomende zomer zal met Tonny Vilhena wellicht hetzelfde gebeuren. De contracten van de twee spelers lopen nog maar één seizoen door, en een vertrek lijkt aanstaande. Enorm zonde. Toegegeven, het duo speelt niet hun sterkste seizoen en al te grote eisen in de contractonderhandelingen zijn misschien ongepast, maar hebben ontegenzeggelijk veel talent.

Maar zoals bij zoveel (voormalig) toptalenten bij Feyenoord, komt het er maar zelden écht uit. Af en toe een goede invalbeurt, dan weer afgewisseld met een dramatische wedstrijd. Misschien komt het omdat zowel Boëtius als Vilhena al jaren opgesteld worden op de plek waar ze in de jeugd nu juist níet excelleerden: als centrale middenvelder en als linksbuiten. In de jeugd en op internationale toernooien met Nederlandse jeugdteams speelden ze steevast als nummer tien en rechtsbuiten, maar sinds hun overstap naar het eerste worden ze daar maar zelden opgesteld.

Tegelijkertijd moeten we constateren dat de zaak Boëtius en Vilhena niet op zichzelf staan: al jarenlukt het Feyenoord maar niet enkele van haar grootste talenten te laten doorbreken. Robin van Persie, Jonathan de Guzman en Thomas Buffel voelden net als Boëtius en Vilhena te weinig vertrouwen en erkenning en vertrokken voor treurig lage bedragen. In het buitenland braken ze vervolgens echt door in de Europese (sub)top. Luc Castaignos wilde in 2011 best bij Feyenoord blijven, maar werd net als Leroy Fer en Georginio Wijnaldum later dat jaar op het hart gedrukt dat de club zijn transfersom hard nodig had om zwarte cijfers te schrijven, en hij dus maar beter kon vertrekken. Nu dreigt met twee grote talenten hetzelfde te gebeuren: mogelijke verkoop aan een rivaal (een concurrent is PSV natuurlijk niet) nadat ze bij gebrek aan vertrouwen en toekomstperspectief weigeren zomaar bij te tekenen. Eén schuldige is niet aan te wijzen: het waren vele trainers en directeuren.

Misschien komt het omdat bij de contractondertekeningen van jeugdtalenten zelden een toekomstplan wordt gemaakt. Als een A-junior bij Ajax of PSV een profcontract tekent, wordt er door de technische leiding, zijn trainer en hemzelf een uitgebreid plan gemaakt om hem klaar te stomen voor het eerste. Bij Feyenoord ontbreekt zo’n plan vaak. Als de hoofdtrainer gecharmeerd is mag een talent misschien eens mee komen trainen met het eerste. A1-talenten Gronsveld, Schuurman, Verdonk en Nieuwkoop trainen nu structureel mee, maar Slabbekoorn, Hamer en Fernandes mochten na één training met het eerste alweer terug naar de jeugd. Is het een gebrek aan structuur, visie en perspectief? Is het amateurisme? Ik weet het niet. Het gebrek aan een duidelijk plan was één van de redenen dat Karim Rekik naar Manchester City ging en Kyle Ebecilio naar Arsenal.

Maar misschien is er ook wel een culturele oorzaak voor het gebrek aan vertrouwen dat nogal wat (zeker niet bij alle talenten gaat het mis, gelukkig) talenten voelden. Misschien is het de mentaliteit van ‘doe maar normaal, dan doe je al gek genoeg’ die Feyenoord doet weigeren écht talent te belonen, en leidt de (overigens om allerlei redenen vaak terechte) eeuwige viering van de middelmaat ertoe dat de grootste talenten te weinig erkenning voelen.

Hoe dan ook, het is verschrikkelijk zonde. Begrijp me niet verkeerd: Feyenoord heeft een geweldige jeugdopleiding die de club heeft gered en maar nuttige eerste elftalspelers blijft afleveren, maar we moeten ons ook afvragen waarom sommige van onze grootste talenten al jaren niet doorbreken in De Kuip, maar in Eindhoven, Londen, Enschede en Napoli.

Deze column verscheen eerder op Feyenoordnet.nl 

Advertisements

Een gedachte over “De zaak Boëtius en Vilhena

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s