Is Het Legioen echt ineens zo verdeeld?

Wie de laatste tijd op internet kijkt krijgt het idee dat het Feyenoord-Legioen ineens, als bij een donderslag bij heldere hemel, verdeeld is geraakt tussen verschillende kampen. Maar is dat zo, en is het ooit anders geweest?

Toen Kenneth Vermeer zaterdag het veld betrad voor zijn warming-up gebeurde er iets ongemakkelijks. Hij werd hard toegejuicht door een deel van de Kuipbezoekers, terwijl een ander deel hem uitfloot en verwensingen toeriep. De Kuip lijkt verdeeld te zijn over de komst van de ex-Ajax goalie.

Ook op internet lijkt er een soort culturele strijd losgebarst te zijn tussen verschillende groepen supporters. Groepen, niet in de georganiseerde term van het woord, maar de losse, informele verbanden die een netwerksamenleving als de onze kenmerkt. Formele structuren zijn verbroken, de kerk is leeg en de katholieke schapenfokvereniging vergeten, we leven in een lossere sociale verbanden, nog steeds wel rond gedeelde normen en waarden, maar vooral ideeën en identiteit.

De ene groep beroept zich op het “ware Feyenoordgevoel”, het “Feyenoord zoals het ooit was” (maar nu niet meer, dus); een soort nobele wilde waarin De Kuip een baken van eenheid was tussen supporters, waarin het leven goed was, geluk nog heel gewoon. Het refereert misschien aan een breder gedeeld sentiment in de samenleving dat “Nederland zoals het was” niet meer is, een unheimlich gevoel. Hoe dat Nederland, of Feyenoord in dit geval, er dan precies uitzag en op welk moment dat dan was, blijft vaak onduidelijk. Maar omdat het nu niet meer is, concluderen sommigen, is “Feyenoord zoals het ooit was dood”.

De andere groep komt met een ander moreel argument, namelijk dat de komst van Kenneth Vermeer toegejuicht moet worden. Hij is immers een goede doelman, en ach, dat Ajax-verleden, wat maakt dat nou uit? Zeik toch niet zo, stelletje idioten. Jullie maken de club kapot! Kenneth Vermeer is een Feyenoorder, heet een Facebook-pagina die tot steun van hem oproept. De boodschap is simpel: wij zijn Feyenoorders en wij steunen elke speler. Pijnlijk was dat ik zaterdag iemand Boëtius zag en hoorde uitfluiten en Lamprou een “kankerjood” noemde, maar Vermeer bij elk balcontact complimenteerde met een applaus.

Ik voel mezelf ongemakkelijk in beide kampen. Ik geloof niet dat er ooit een Feyenoord was waarin alles geweldig was en iedereen kameraadschappelijk met elkaar om ging. Bestuurlijk zijn er al sinds medio jaren zestig conflicten tussen verschillende kampen die om de macht strijden en al sinds de jaren zeventig financiële problemen. Ook toen voelden supporters zich benadeeld en ook toen schreven supporters dat “Feyenoord zoals het was” niet meer bestond.

Dat gaat zelfs als verder terug, naar begin jaren dertig. Toen Feyenoord vergaderde over een nieuw stadion, vonden sommige leden, waaronder oprichter Kees van Baaren, dat de club met een megalomaan project bezig was en te ver van haar werkelijke ziel (een gezellige amateurclub op Zuid waarin iedereen elkaar kende) afdreef. Zelfs eerder, toen in de jaren tien de eerste voetballers van andere verenigingen en wijken voor Feyenoord kwamen voetballen, voelden sommige clubleden dat als een bedreiging van “de clubidentiteit”.

Maar wat die identiteit werkelijk, gedefinieerd is, weet ik niet – en vermoedelijk niemand. Het is zoals Maxima ooit zei: dé Nederlandse identiteit bestaat niet, zoals ik ook niet geloof in dé Feyenoord-identiteit. Ja, er zijn gedeelde waarden (geen woorden maar daden), er is een gedeelde geschiedenis (in ieder geval die van de club, op sociaal gebied tussen supporters wat minder denk ik, het blijft een brede volksclub van havenarbeiders en havenbaronnen), maar dat leidt nog niet tot één gedefinieerd, breed geaccepteerd concept van wat het echte Feyenoord-gevoel is. Of althans, ik kan het niet vinden.

Tegelijkertijd voel ik me ook ongemakkelijk bij het enthousiasme waarmee Kenneth Vermeer wordt toegejuicht in De Kuip. Bij elke bal die hij zaterdag goed aannam, klonk er gejuich en applaus, alsof Vermeer de verlosser is die ons van een dramatische doelman verlost. Nou, Mulder was geen topkeeper, maar ook zeker niet veel minder dan Vermeer.

En met zijn achtergrond, die hoe dan ook pikant is, verbaas ik me erover hoe sommigen hem prijzen. Uitfluiten zal ik hem niet doen, maar toejuichen alsof hij de Messi onder de lat is ook zeker niet. Tegelijkertijd kan ik me niet vinden in de oeverloze discussies op Twitter en FR12 dat degenen die Vermeer niet toejuichen geen “echte supporters” zijn “maar idioten”, of iets in de buurt daarvan.

Maar omdat sommigen dat wel doen is er volgens anderen een einde gekomen aan “het Legioen” als ondeelbaar geheel (ook zij stellen: jullie maken de club kapot!, tegen de Grote Ander), als eenheid. Ik geloof daar niet in, simpelweg omdat ik niet denk dat het ooit anders geweest is.

Toen Feyenoord in 1931 voor een wedstrijd tegen Ajax besloot uit te wijken naar het Sparta-Kasteel, was dat voor wat ontevreden supporters reden de anno 2014 nog steeds bestaande Supportersvereniging op te richten. Met pamfletten gingen ze voor de poorten van Het Kasteel staan. De boodschap was duidelijk: ga niet naar binnen. Ze kregen steun van een deel van het publiek, maar een ander deel van de Feyenoord-supporters ging gewoon naar binnen. Dat deden de demonstranten zelf overigens ook, nadat Feyenoord op voorsprong kwam.

Het is moeilijk meningen van supporters toen en nu te vergelijken, omdat er geen goed opgezet onderzoek bestaat. Een internetpoll telt om onderzoekstechnische redenen niet mee, wat ons achterlaat met oude boeken, brieven en geschriften.

In het boekje Het volk over Feijenoord, uit 1969, komen tientallen supporters aan het woord. Behalve de gedeelde liefde voor de club zijn er veel meningsverschillen. Schrijft de ene supporter dat het bestuur toch echt geweldig werk heeft gedaan door Ajacied Theo van Duijvenbode aan te trekken, schrijft iemand een paar bladzijdes verder dat als Feyenoord ooit de top wil bereiken er eens wat fatsoenlijker transferbeleid gevoerd moet worden. De ene supporter vindt Laseroms en Israel een geweldig hard verdedigingsduo, de andere schrijver wil meer schoonheid en minder overtredingen en hekelt de twee.

Een reden dat er een fictie bestaat van een ongedeeld Legioen is misschien omdat nu meer dan eens we van iedereen zijn of haar mening lezen. In reacties op FR12, op Twitter, op Facebook: elke supporter kan anno 2014 zijn mening geven op een plaats waar het gelezen wordt over de transfer van een speler en het beleid van de directie. Neem deze blogpost: twintig jaar geleden had ik ‘em misschien naar een fanzine of -tijdschrift op moeten sturen, nu kan ik een paar minuten nadat hij online staat al reacties lezen.

Door die nieuwe realiteit van permanente live-reacties lijkt het alsof er veel verdeeldheid is, maar ik denk dat het niet significant meer is dan pakweg dertig of veertig jaar geleden (in de jaren zeventig was de club ook verdeeld in verschillende kampen die elkaar op bestuurlijk niveau bevochten). Alleen zien we het nu overal, omdat meningen die vroeger in de kroeg of op het vak uitgesproken werden nu ook overal op internet te lezen zijn. En dat mensen Feyenoord op een andere manier beleven, maakt ze nog niet meer of minder “echte supporter” (wat dat ook mag zijn).

En ach, de liefde voor Feyenoord delen we allemaal.

Advertisements

Een gedachte over “Is Het Legioen echt ineens zo verdeeld?

  1. Ik geloof in een versterkend effect. Mensen in De Kuip zijn verdeeld, die nemen die verdeeldheid mee naar het internet en nodigen zo mensen – die in eerste instantie geen felle mening hadden – om ook één kant te kiezen. Of geloof jij daar niet in?

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s