Rory de Groot

Het was dinsdagavond en buiten regende het lichtjes, naweeën van een dag waarin het meer regende dan zonnig was. In het theater in Leiden stond Rory de Groot op het podium, een gespierde, nogal bleke man van dertig jaar. Een oud-voetballer, een Feyenoorder bovendien, die nu theaterspeler is. Wilco Doeleman, reservekeeper achter Ed de Goey in de jaren negentig, heeft nu een agrarisch bedrijf in Zeeland. Rory de Groot staat op het podium. Zo lopen die dingen soms.

Op donderdag had een groot artikel over De Groot in universiteitskrant Mare gestaan. Leuk, dacht ik, daar moet ik heen. Een kaartje kostte vijftien euro, tien euro voor studenten, maar dan moest je hem wel op de dag zelve aan de kassa kopen. Vijf euro, dat zijn twee ovenpizza’s of een avond gezond eten met aardappelen, sperziebonen uit een potje en een stukje vlees. Dus zat ik dinsdag na een college waarin we naar een toespraak van José Manuel Barroso hadden gekeken, wat een mentale marteling, op de fiets. Aan de kassa was het niet druk. Ik was de enige en nadat ik m’n collegekaart liet zien kreeg ik voor tien euro een kaartje. “Rory de Groot. Hand in Hand”, stond erop.

Rory de Groot kende ik uit de seizoensgidsen van Voetbal International. Het waren de jaren dat ik die boekwerken verslond en feilloos de carrière van de reservekeeper van MVV op kon noemen. Nu is dat anders en geraakt de gids ergens eind augustus op de grote stapel boeken van Marx, Hobsbawm en Brusselmans. Uitgerangeerd.

Uitgerangeerd raakte ook De Groot, ergens in 2003. Hij had gedebuteerd in Feyenoord 1, in Japan, tegen Urawa Red Diamonds. Daarna moest hij naar satellietclub Excelsior. In een paar maanden tijd ging hij van een stadion vol uitzinnige Japanners in het shirt van zijn dromen naar half lege stadionnetjes in Veendam, Oss en Emmen. Veel speelde hij niet; zeven minuten in anderhalf jaar. Toen keerde hij terug naar Feyenoord, waar zijn contract in 2005 niet verlengd werd. Einde veelbelovende carrière.

Daarover gaat zijn theatervoorstelling. De lange weg naar Feyenoord 1, een Darwiniaans proces waarin de zwakkere spelers elk jaar afvallen. Wat rest is de hoogste jeugd, en dan hopelijk de stap naar het eerste. In zijn voorstelling trekt De Groot een parallel met Leonardo, het kleine Braziliaanse mannetje dat zich halverwege de jaren negentig op Varkenoord meldt en in het team van De Groot komt te spelen. Ze worden vrienden. Allebei falen ze uiteindelijk: Leonardo kan zijn grote belofte niet inlossen en voetbalt nu in Hongarije. Rory de Groot heeft al sinds 2005 geen bal meer geraakt.

Het is een mooie voorstelling, Rory de Groot doet dat goed. Het kaartje kost niet veel en de theaters waarin hij speelt zijn niet al te groot en zorgen daardoor voor een fijne, intieme sfeer. De Groot staat voor je neus en vertelt zijn verhaal. Hij schreeuwt, hij rent en maakt schijnbewegingen en danst als symbool van bevrijding. Zijn verhaal is het verhaal van dat jongetje diep in ons dat niets liever wil dan voor Feyenoord 1 spelen. En misschien alleen daarom al is de voorstelling een aanrader. Gaat dat zien!

Deze column verscheen eerder op Feyenoordnet.nl

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s